|
Op deze webpagina staat de transcriptie van de laatste alinea van bladzijde 128, geheel bladzijde 129 en de eerste alinea van bladzijde 130.
|
Inleiding Ter voorbereiding op de constructie op bladzijde | |||||||||||||||
|
Opdracht Gegeven zijn drie punten A, B en C. Geconstrueerd is punt E op AB met AB = BE en B halverwege AE. Zij punt D een punt op lijn AC en punt F het snijpunt van BD en CE Toon aan dat:
| ||||||||||||||||
|
| ||||||||||||||||
|
Applets Toelichting Frans van Schooten gebruikte hulppunt K halverwege AC.
Eerst wordt opgemerkt dat BK wel evenwijdig is aan EC, maar BD niet.
Verwezen wordt naar het bewijs op Van Schooten maakt ons hier mee duidelijk dat we er met één schets niet zijn. We hebben er minstens twee nodig. In de bovenste schets is AD > CD en in de onderste is AD < CD. | ||||||||||||||||
|
Bewijs lijn BK is evenwijdig aan CE omdat BK de zijden van driehoek ACE in dezelfde verhouding snijdt want AB = AE. lijn BD is dat niet want de verhoudingen zijn niet gelijk: AD ≠ DC
Driehoek KDB is gelijkvormig met driehoek CDF vanwege de overeenkomstige overstaande hoek in D (∠KDB = ∠CDF) en vanwege de overeenkomstige Z-hoek in K en C (∠DKB = ∠DCF). Als AD > DC dan is de som van de twee hoeken DKB en KDB van driehoek KDB samen minder dan 180° omdat de derde hoek DKB groter dan nul is. Als ∠DKB + ∠KDB < 180°, dan is dus ∠DCF + ∠CDF < 180°. Dat betekent dat F aan de kant van lijn CD ligt waar de som van de hoeken kleiner dan 180° is. In de bovenste tekening is dat dus aan de andere kant van D dan B en aan de andere kant van C dan E. De volgorde van de punten is dus BDF en ECF. In de onderste tekening, AD < DC, volgen we dezelfde redenering en concluderen we dat de volgorde van de punten is DBF en CEF. | ||||||||||||||||
|
|
Inleiding | |||||||||||||||
