|
Lengtes werden in de zeventiende eeuw werkte niet uitgedrukt in meters of kilometers maar in roeden en voeten.
Zes heren, A, B, C, D, E en F zijn eigenaar van een rond meer.
Die willen ze droogmalen om er een polder van te maken.
Daarom laten ze eerst een ringdijk om deze polder aanleggen.
De heren A, C, E en F hebben een sloot die uitkomt op het meer.
Zij moeten die sloot afdammen. De kosten daarvoor moeten ze zelf betalen.
De ringdijk wordt zonder de dammen 1270 voeten lang. Die dammen worden 14 voeten lang.
De heren verdelen de kosten eerlijk naar hun deel van de nieuwe polder.
- Hoeveel voeten is de omtrek van het ronde meer, inclusief de lengte van sloten die ze afdammen?
- Bereken hoeveel voeten van de ringdijk iedere heer laat aanleggen.
|
|
| heer | lengte van hun land aan het meer in voeten
| | A | 30
| | B | 20
| | C | 45
| | D | 40
| | E | 36
| | F | 50
|
|