1. Een recht linie na de wterste en middelreden, te deelen.

    Dese operatie is gedaen in de 11. des 2. boucks.

  2. In de rechthouckige triangulen, is de figuer der sijde over den rechten houck, gelijck beyde sodanige gelijckformighe figueren op elcks der ander sijden.

SE-

TI EN DE Bo V c K l met de selve een rationael recht houck ende de som me van haer quadraten medial de restsal irratienael zijn zyghe noemt linie maeckende met een rationale een gheheel medial Linea cum rationali medium tot an efficiens 79 So van een rechte linie ghesneden is een rechte linie incommens in macht tot de gantsche begrijpende met deselve een medial rechthouck incommens tot de somrs van haer quadraten oock medial de rest is s irrationael zygenaemt liniemaeckende met een mediale superficie een gheheel media inea cum medio medium totum efficiens 8o Met het apotome ofte Residuum en komt niet meer over een als een eenighe rechte rationale linie commens in macht alleen tot de gantsche 81 Met het medium Residuum primum en accordeert maer een eenige mediale linie commens in macht alleen tot de gantsche begrijpende G 4 met