www.fransvanschooten.nl

4 vwo wiskunde B

Gelijke hoeken

Hoofdstuk 5


Schets bij opdracht T4


Uitwerking Opdracht T4

Let op: in de tekening ontbreekt de aanduiding dat ∠A = ∠B.

In de figuur snijden de benen van ∠A en ∠B elkaar in de punten C, F, G en H.
Gegeven is dat ∠A = ∠B.

  • Gegeven is:
    • de benen van hoek A met punt D
    • de benen van hoek B met punt E
    • A = ∠B
    • de snijpunten van die benen: C, F, G en H
  • Te bewijzen:
    • ECF = ∠DGF.
  1. Omdat ∠A = ∠B (gegeven) en de overstaande hoek in punt H even groot zijn,
    daarom is driehoek ACH gelijkvormig met driehoek AGH,
    dus zijn de overeenkomstige hoeken even groot: ∠ACH = ∠BGH
  2. Omdat overstaande hoeken even groot zijn,
    daarom in punt C: ∠ACH = ∠ECF
    en ook in punt G: ∠BGH = ∠DGF
  3. Omdat al deze hoeken (stap 1 en stap 2) gelijk zijn
    daarom ∠ECF = ∠DGF.
  4. Conclusie: ∠ECF = ∠DGF.

top